De Kinkerstraat is voor mij iedere dag opnieuw een uitdaging. Helemaal nu mijn fietsbel stuk is. Op de Kinkerstraat is het gebruikelijk dat je oversteekt zonder ook maar naar links of naar rechts te kijken. Prima allemaal, maar wel gevaarlijk voor fietsers. Nu ben ik een fietser. Zonder fietsbel dus. En zonder fietsbel kun je nog "Hallo" of heel hard "Eeej!" roepen en dat werkt dan ook in de Kinkerstraat want daar zijn weinig tot geen toeristen.
Ik kom uit Brabant en in Brabant hoef je maar een keer te kuchen en ze gaan opzij. Toen ik dan ook net in Amsterdam woonde was ik nog heel onschuldig in het verkeer. Nu ik kennis heb gemaakt met toeristen op Macbikes, ben ik veranderd in Gordon Ramsay.
Dit verhaal speelt zich af op de Stadhouderskade, waar het stikt van de Macbikes.
Een groepje meisjes reed voor mij. Ik had dat pas gezien toen ik bijna achterop bij één van die meisjes zat.
Ik reed hard want ik was al laat voor college. En ik had muziek op en was net bezig 'The Fresh Prince of Bel Air' door te shuffelen. Dit is een dodelijke combinatie voor Amerikaanse meisjes die ernstig twijfelen of ze zullen gaan fietsen, steppen of wedstrijdje doen wie het langzaamst kan fietsen.
Ik reed vol tegen een meisje aan.
Ik greep haar arm (en ik grijp nooit zo maar) en ik stapte van mijn fiets. Ik keek haar aan, of tenminste, ik keek haar echt belachelijk grote zonnebril aan en ik gilde "Jezus!" (en ik ben ook niet zo'n gillerd).
Kijk. Op dat soort momenten zou ik willen dat mijn smerige vocabulaire iets groter was. Ik kwam niet verder dan "Jezus!" en eigenlijk wilde ik ook nog "Vlerk!" gillen maar ik denk dus dat ze Amerikaans was. Dus dan zou het zo gaan: "Vlerwwk? What's a vlerwwk? I'm like.. You know."
Ik stapte weer op mijn fiets en reed verder.
Toen deden ze iets, de meisjes, waar ik nu nog helemaal van ondersteboven ben: ze begonnen te lachen. Ik hoorde ze héél hard lachen.
Als ik heel stil ben, hoor ik ze in mijn hoofd nu nog lachen.
twee reacties
Een of meer reacties staan in de wachtrij om goedgekeurd te worden.